Tafel van 10 plus tafel van 2
Twaalf is tien plus twee, dus tel de uitkomst bij 10 en de uitkomst bij 2 bij elkaar op.
12 × 7 = 70 + 14 = 84
Jouw voortgang
Scores worden alleen op dit apparaat bewaard — geen account nodig.
De tafel van 12 is de tafel van 10 plus de tafel van 2. Ook in het dagelijks leven is hij handig: 12 maanden in een jaar, 12 eieren in een dozijn. Leer hem hier met zeven oefeningen, trucs, uitgewerkte voorbeelden en printbare werkbladen.
Splits 12 in 10 en 2: reken de tafel van 10 en de tafel van 2 uit en tel de uitkomsten op. Splits 12 in 10 en 2. 10 × 7 = 70 en 2 × 7 = 14, dus 12 × 7 = 70 + 14 = 84.
Werk de oefeningen van links naar rechts af. Elke oefening vraagt iets meer van je en als je klaar bent, verschijnt er een vinkje. Je voortgang wordt op dit apparaat bewaard.
Kies de truc die bij jou past. Elke truc is een andere weg naar dezelfde uitkomst.
Twaalf is tien plus twee, dus tel de uitkomst bij 10 en de uitkomst bij 2 bij elkaar op.
12 × 7 = 70 + 14 = 84
Splits 12 in 10 en 2: reken de tafel van 10 en de tafel van 2 uit en tel de uitkomsten op.
12 × 7 = 70 + 14 = 84
12 is het dubbele van 6, dus reken de uitkomst van de tafel van 6 uit en verdubbel die.
6 × 7 = 42, dus 12 × 7 = 84
Ken je de tafel van 11? Tel er nog één keer bij op: 12 × 7 is 11 × 7 plus 7.
77 + 7 = 84
Elke uitkomst in de tafel van 12 is een even getal, dus ze eindigt op 0, 2, 4, 6 of 8. Een oneven uitkomst is altijd fout.
12, 24, 36, 48, 60
Kijk naar het laatste cijfer van elke uitkomst van 12 × 1 tot 12 × 10. Hetzelfde patroon herhaalt zich bij de volgende tien uitkomsten, dus je hoeft het maar één keer te leren.
2, 4, 6, 8, 0, 2, 4, 6, 8, 0
Hoe elke uitkomst wordt gevonden, stap voor stap.
Splits 12 in 10 en 2. 10 × 6 = 60 en 2 × 6 = 12, dus 12 × 6 = 60 + 12 = 72.
De volgorde maakt niet uit: 7 × 12 is hetzelfde als 12 × 7. Splits 12 in 10 en 2. 10 × 7 = 70 en 2 × 7 = 14, dus 12 × 7 = 70 + 14 = 84.
Splits 12 in 10 en 2. 10 × 12 = 120 en 2 × 12 = 24, dus 12 × 12 = 120 + 24 = 144.
Splits 12 in 10 en 2. 10 × 17 = 170 en 2 × 17 = 34, dus 12 × 17 = 170 + 34 = 204.
Vraag hoe vaak 12 in 96 past. Je weet dat 12 × 8 = 96, dus het antwoord is 8.
Vraag hoe vaak 12 in 168 past. Deel om het te vinden: 168 ÷ 12 = 14.
Zien dat een verhaal 12 × iets nodig heeft is een vaardigheid op zich. Reken elke som eerst zelf uit en open dan pas het antwoord.
In een pakje zitten 12 potloden. De juf koopt 4 pakjes. Hoeveel potloden zijn dat?
84 stickers worden eerlijk verdeeld over 12 kinderen. Hoeveel stickers krijgt elk kind?
Een boerderij doet 108 eieren in dozen van 12. Hoeveel dozen vult de boer?
Daan spaart elke week 12 munten. Hoeveel munten heeft hij na 12 weken?
180 kinderen willen spelen. Elk team heeft 12 spelers nodig. Hoeveel teams kunnen ze maken?
In een bakje passen 12 cupcakes. Hoeveel cupcakes passen er in 6 bakjes?
Zeg elk antwoord hardop voordat je het opent. Heb je ze alle tien goed, probeer dan de test van 60 seconden hierboven.
Heb je grotere sommen nodig? Bekijk de volledige lijst van de tafel van 12 tot een van deze getallen.
Maak een blad met een of meer volledige tafels om uit te leren, of met gaten om in te vullen. Print het, sla het op als PDF via het printvenster of download een plaatje.
Maak een echte toets: meng soorten vragen, voeg redactiesommen en een tijdslimiet toe en print een apart antwoordenblad om na te kijken. Elke keer dat je op Nieuwe toets drukt, krijg je een nieuwe toets.
Elke som die je hier leert, komt ook in een andere tafel voor — 12 × 7 staat ook in de tafel van 7.