Het patroon achter de lijst
Kijk naar het laatste cijfer van elke uitkomst. Van 28 × 1 tot 28 × 10 gaat het zo, en daarna herhaalt hetzelfde patroon zich elke tien sommen tot en met 28 × 20:
- 8
- 6
- 4
- 2
- 0
- 8
- 6
- 4
- 2
- 0
Grote sommen uitrekenen
Je hoeft niet alle 20 sommen uit je hoofd te leren. Gebruik in plaats daarvan de methode voor de tafel van 28: 28 is 2 minder dan 30, dus reken de uitkomst met 30 uit en haal er 2 keer het getal af.
Rond 28 af naar 30: 30 × 20 = 600. Haal er dan 2 × 20 = 40 af, dus 28 × 20 = 600 − 40 = 560.
28 × 20 = 600 − 40 = 560