Tafel van 18 tot 50

Elke som van 18 × 1 tot 18 × 50 = 900. Verberg de uitkomsten om jezelf te testen, laat ze voorlezen of print de volledige lijst.

18 × 1 tot 18 × 50

  • 18×1=18
  • 18×2=36
  • 18×3=54
  • 18×4=72
  • 18×5=90
  • 18×6=108
  • 18×7=126
  • 18×8=144
  • 18×9=162
  • 18×10=180
  • 18×11=198
  • 18×12=216
  • 18×13=234
  • 18×14=252
  • 18×15=270
  • 18×16=288
  • 18×17=306
  • 18×18=324
  • 18×19=342
  • 18×20=360
  • 18×21=378
  • 18×22=396
  • 18×23=414
  • 18×24=432
  • 18×25=450
  • 18×26=468
  • 18×27=486
  • 18×28=504
  • 18×29=522
  • 18×30=540
  • 18×31=558
  • 18×32=576
  • 18×33=594
  • 18×34=612
  • 18×35=630
  • 18×36=648
  • 18×37=666
  • 18×38=684
  • 18×39=702
  • 18×40=720
  • 18×41=738
  • 18×42=756
  • 18×43=774
  • 18×44=792
  • 18×45=810
  • 18×46=828
  • 18×47=846
  • 18×48=864
  • 18×49=882
  • 18×50=900
tafel van 18

Snelle quiz: 18 × 1 tot 18 × 50

Beste –

20 willekeurige sommen uit de tafel van 18, van 18 × 1 tot 18 × 50. Kies hoe je wilt antwoorden.

Het patroon achter de lijst

Kijk naar het laatste cijfer van elke uitkomst. Van 18 × 1 tot 18 × 10 gaat het zo, en daarna herhaalt hetzelfde patroon zich elke tien sommen tot en met 18 × 50:

  1. 8
  2. 6
  3. 4
  4. 2
  5. 0
  6. 8
  7. 6
  8. 4
  9. 2
  10. 0

Grote sommen uitrekenen

Je hoeft niet alle 50 sommen uit je hoofd te leren. Gebruik in plaats daarvan de methode voor de tafel van 18: 18 is 2 minder dan 20, dus reken de uitkomst met 20 uit en haal er 2 keer het getal af.

Rond 18 af naar 20: 20 × 50 = 1000. Haal er dan 2 × 50 = 100 af, dus 18 × 50 = 1000 − 100 = 900.

18 × 50 = 1000 − 100 = 900

Vragen over de tafel van 18

Hoeveel is 18 × 50?
18 × 50 = 900. Een manier om het uit te rekenen: 18 × 50 = 1000 − 100 = 900.
Hoeveel sommen zitten er in de tafel van 18 tot 50?
Er zijn 50 sommen, van 18 × 1 = 18 tot 18 × 50 = 900. Elke uitkomst is 18 meer dan de vorige.
Hoe reken ik grote sommen uit in de tafel van 18?
18 is 2 minder dan 20, dus reken de uitkomst met 20 uit en haal er 2 keer het getal af. Rond 18 af naar 20: 20 × 50 = 1000. Haal er dan 2 × 50 = 100 af, dus 18 × 50 = 1000 − 100 = 900.